Adem het heden, wees onstuimig

Een interviewverslag met Aditi Mangaldas
Door Anima Jhagroe-Ruissen

Het is een winterse donderdagavond. Samen met Aditi Mangaldas zit ik in het Marriot hotel in Den Haag. Ze heeft net een wervelend optreden verzorgd in het theater Diligentia met haar productie Uncharted Seas samen met 6 andere kathakdansers, 3 muzikanten en een lichtregisseur. Een ensemble om u tegen te zeggen. Het streven naar excellentie staat bij iedereen bovenaan… en dat zag je!

Eerder trad Mangaldas ook op in Amsterdam, ter ere van 70 jaar onafhankelijk India. De organisatie lag in handen van ICCR, de Indiase ambassade en The Netherlands-India Association. Op donderdag 2 februari gaf ze eveneens een show, in Utrecht met hetzelfde stuk als in Amsterdam: Utsav.

Terug naar het hotel… het is al laat, we bestellen een theetje en zitten in het restaurant. Ik heb Aditiji al vaker zien optreden, in Nederland en India, maar nooit echt gesproken (ik schrijf ji achter haar naam, omdat dat een vorm van respect is, zoiets als “U” in het Nederlands). Nieuwsgierig naar haar verhaal wilde ik graag weten hoe Aditiji haar danskunst ziet, beleefd en wil overbrengen aan het publiek.

Dansfilosofie

Aditiji, je verzorgt wereldwijd optredens met je eigen dance company. Inmiddels ben je een grootheid in kathak geworden. Wat wil je nog bereiken? Wat is nu nog je droom?

“Het is mijn droom om op festivals op te treden die niet geografisch en historisch georiënteerd zijn. Hiermee bedoel ik dat ik graag wil optreden op internationale dans festivals die je niet in een hokje stoppen zoals Aziatisch, Westers, Indiaas, Amerikaans of Europees. Ik heb namelijk het gevoel dat bij de selectie van een (internationaal) dansprogramma één criteria echt moet gelden en dat is excellence (uitmuntendheid). We reizen veel over de wereld met ons gezelschap en wat er soms gebeurd is dat we in het hokje ‘exotisch’ geplaatst worden. Als er dan mensen komen kijken naar je show, en ze hebben weinig affiniteit met je danskunst, dan gaat het al gauw om de kleurrijke kostuums, prachtige sieraden…de mystiek van het Oosten. Ik wil daar vanaf. Ik denk namelijk dat het moet gaan om de danskunst zelf, de techniek in dans, de emotie in dans…wat je ook in je danskunst wil stoppen, en daar dan het beste van. Ik kan vertellen dat we nu als een dance company ook worden uitgenodigd op internationale dansfestivals die niet geografisch en historisch georiënteerd zijn, maar het is een lang(zaam) proces”.

 Wat heb je tot nu toe gedaan om je droom waar te maken?

“Het is een lange reis, die nog niet is afgelopen. Met mijn dance company heb ik twee routes ingezet, beide hebben kathak als basis. De één bestaat uit mijn klassieke stukken en de ander – met gebrek aan een beter woord- mijn contemporary (eigentijdse) stukken. Uncharted Seas is één van die klassieke stukken. Het is anders dan de kathak die 100 jaar, 50 jaar of 2000 jaar geleden werd gedanst. Dat komt omdat klassieke kunstvormen het heden moeten ademen (breath the air of today). Alle klassieke kunstvormen/ tradities zijn als een rivier die zichzelf constant hernieuwd. Die rivier neemt zo nu en dan een deel van haar omgeving in zich op, dat doet ze door de eeuwen heen, maar ze heeft wel de oevers waarbinnen zij stroomt… En dat is waar onze klassieke kunsten behouden worden. Door constant alert te zijn, te verkennen en in dialoog te blijven met de omgeving. Het is dus niet alleen in dialoog zijn met je kunstvorm, het is ook verkennen via je kunstvorm. Dat zijn naar mijns inziens twee aspecten die hand in hand gaan met de uitvoer van klassieke kunstvormen vandaag de dag. Het is een reis door de wereld van je klassieke kunstvorm en als kunstenaar ben jij degene die je reis navigeert op die rivier. Wat zijn de dingen die belangrijk zijn voor jou? Op deze manier wordt kathak constant hernieuwd en is kathak ook constant aan het veranderen.

De andere route, mijn eigentijdse stukken, is ook gebaseerd op kathak. Het ‘kathakzaadje’ is hier gepland en gevoed met eigentijdse invloeden. Dus het zaadje heeft de kern, de energie van traditionele kathak in zich, maar is gevoed met bepaalde bewegingen, bepaalde concepten en variaties die meer eigentijds zijn. De boom die uit dit zaadje groeit heeft dezelfde wortels als mijn klassieke stukken, maar zijn stam, zijn vertakkingen, de twijgjes, blaadjes en bloemen volgen een ander pad. Dat is iets waar ik me specifiek op richt in mijn dance company. In Nederland hebben we Now is en een stuk uit Timeless gedanst voor het Korzo theater. Voor de rest worden we voornamelijk gevraagd voor onze klassieke stukken. We zouden het natuurlijk geweldig vinden als we meer voor onze recente contemporary producties worden gevraagd zoals Timeless en Interrupted”.

Je hebt een duidelijke visie over de ontwikkeling en presentatie van kathak ontwikkeld. Daarin proef ik ook een zekere nieuwsgierigheid of behoefte naar het ‘onbekende’. Niet elke artiest is op die manier met zijn of haar kunstvorm bezig. Waar komt die nieuwsgierigheid om te verkennen vandaan?

“Ik ben opgegroeid in een vrij liberaal gezin. Mijn ouders hebben mij altijd gestimuleerd om vragen te stellen. Het feit dat iets al 200 jaar zo is, hoeft niet automatisch te betekenen dat het zo moet blijven. Als dochter werd ik ook niet anders behandeld dan mijn broer (in India hebben zonen soms een voorkeurspositie in een gezin, een maatschappelijk probleem waar ik hier niet op in ga, maar voor geïnteresseerden klik deze link). Als ik het zou willen kon ik zelfs het familiebedrijf overnemen. Het bevragen van dingen werd nog meer gestimuleerd toen ik bij mijn eerste guru kathak ging studeren; Kumudini Lakhia (een pionier in contemporary kathak). Ze leerde me om een open mind te hebben. Ze stimuleerde me, net als mijn ouders, om de klassieke geschriften zoals de Natya Shastra (het Hindoegeschrift voor performing arts) te lezen. Hoewel ik mezelf niet als een Hindoe, Christen, Moslim of lid van een georganiseerde religie beschouw, stond ik er wel voor open. Ik stond ervoor open en bevroeg het. Kumiben (een koosnaam die haar studenten vaak gebruiken) hielp me om open te zijn door te zeggen ‘ga ervoor, maak fouten als je dat wil, doe zoveel je wil, leer ervan en kom terug’. Toen voelde ik dat ik terug moest naar de basis van kathak en dat is waar mijn tweede guru in beeld komt: pt. Birju Maharaj. Zoals ik mijn kathak studie heb ervaren is dat ik bij Kumiben een ‘horizontale verkenning’ ben ondergaan. Het ging om de verkenning van mijn fragiele lichaam in de ruimte om mij heen, het licht om mij heen, het concept van wat mij omringd… zoals de literatuur en muziek. Bij pt. Birju Maharaj ging het om ‘verticale verkenning’. Je ging dieper en dieper in je ‘zijn’. Daar deed het er niet toe dat er geen licht was, geen geluid, geen ruimte, er was niks… maar hij verbond mijn innerlijke kern met de rest. Ik voel me ook vereerd dat ik van deze twee grootheden heb mogen leren. De één ging over het lichaam en haar omgeving en de ander over de kern van je energie, je innerlijke adem. Dit is voor mij het fundament in mijn kathak. Als ik dat fundament combineer met mijn reis op de rivier, waar ik heen wil met kathak, kan je zeggen dat ik mezelf informeer door onze geweldige geschiedenis, tijd en ruimte, maar dat ik het ook tot op zeker hoogte loslaat en verder verken. Op deze manier verhoud ik me tot mijn danskunst kathak en streef ik altijd naar excellence. Dat is naar mijns inziens de basis in mijn werk. Ik ambieer het niet om in Indiase dansfestivals, Aziatische festivals oid op te treden. Het is veel beter om op internationale dansfestivals te staan waar je wordt geselecteerd op kwaliteit. Op dit moment gebeurd er veel op dat gebied, maar vaak hebben mensen nog een beperkte blik op niet-Westerse dansvormen. Dat ‘exotische’ moet eruit, de artiesten die niet-Westerse dansvormen dansen zijn ook mens. Zoals jij en ik”.

De Drishtikon Beleving

Tijdens Utsav en Uncharted Seas heb je een solostuk waar het publiek niks anders hoort dan je ghungeroos (Indiase dansbelletjes die Indiase klassieke dansers om hun enkel dragen). Het viel me op dat bij beide stukken het publiek muisstil was. Kan je ons meenemen in dit stuk over wat je gedachtes waren tijdens het creëren van dit stuk en wat je voelde op het podium?

“Het meeste van mijn werk is autobiografisch. Soms voel ik me onstuimig of gebeurd er iets op een bepaald punt in mijn leven. Dat is vaak het begin van een traject wat zich in verschillende richtingen kan ontwikkelen. Zo heb ik een periode gehad waar veel van mijn werk over het vrouw-zijn ging. Ik was alleen in de open wereld, zonder begeleiding van mijn ouders, toen heb ik in mijn werk veel feministische aspecten verwerkt. Daarin ging het om Dhristikon wat eigenlijk inhoudt dat je met verschillende brillen naar iets kan kijken. Dat vereist een bepaalde openheid, je moet open staan voor verschillende perspectieven die in de wereld bestaan. Ik was ook zoekende. Er was iets in me wat maar bleef malen en malen en ik moest er iets mee doen. Toen las ik een prachtige quote van J. Krishnamurti: “there are no fixed points and living without these fixed points is a challenge”. Zo is Uncharted Seas begonnen. Ik heb deze productie zodanig opgezet dat het een zoektocht is. We weten niet waar we naar zoeken. Het kan iets zijn in woorden, het kan iets zijn wat in de eerste passage van de voorstelling voorkomt, het kan iets zijn via het licht, het kan iets zijn via ritme… soms is de zoektocht abstract, soms is het met kleur, soms heeft het iets te maken met hoe vrouwen lopen… Dus de vraag is; wat is ‘zoeken’ als concept? Ik hoop dat mensen mijn producties op verschillende manieren kunnen beleven. Soms wil je je ogen dicht doen en alleen de muziek horen, misschien wil je je focussen op de achtergrond, wat er links en rechts op het podium gebeurd, misschien wil je alleen naar een solodanser kijken of je kijkt naar het stuk als geheel. Ik hoop dat mensen die gelaagdheid ervaren. Ik houd van pure geluiden. In de solo waar ik alleen met mijn ghungeroos dans, is er eigenlijk niks… het is alleen de muziek die mijn voeten maken…. en er is toch een zoektocht gaande. Hoe het publiek dit ervaart of wil ervaren, is aan het publiek. Het is mijn passie om te communiceren met het publiek via het gevoel van mijn hart, lichaam en gist.

Het gevoel wat ik heb bij het dansen van mijn solostuk verschilt waar en in welk stuk ik het precies dans. Het komt in 2-3 producties voor en dus ook in 2-3 verschillende contexten. Het gaat eigenlijk om het leven, om de ademhaling. Vandaag (in Theater Diligentia) luisterde ik alleen naar het geluid, maar in Utsav, afgelopen zondag, dacht ik aan mijn overleden oom die ik heb zien overlijden. Het ging om hoe zijn adem langzaam zijn lichaam verliet. >Terwijl Aditiji dit vertelt, schieten de tranen in haar ogen. Het raakt me. Ik zie niet alleen een kathakdanseres voor me, ik zie niet alleen een artiest, niet alleen een filosoof… ik zie iemand die haar kunst leeft, waar ze ook is. Ik zie in haar wat ze al die tijd aan me verteld; haar kunst als de zuurstof die ze ademt<. Ik voel dat het stuk voor mij, maar ook voor het publiek, een meditatieve ervaring is. Het is een moment, zoals J. Krishnamurti zegt; ‘meditation is when the heart enters the mind’”.

 Aan U…

 Ik heb het gevoel dat we nog de hele avond kunnen praten, maar we moeten er helaas een eind aan breien. Aditiji, wat zou je nog met ons willen delen?

“India is een land met een geweldige historie, maar het is ook een land waar de mensen het heden ademen. Daarom denk ik dat het belangrijk is Indiase dans met een open mind te benaderen en het niet als iets exotisch te zien. Wij als artiesten hebben daar ook aan bijgedragen. Soms brengen we verschrikkelijke dingen naar voren, dingen die echt matig zijn. Dus als artiest zijn we daar ook verantwoordelijk voor. Uiteindelijk denk ik dat men ons ook als mens moeten zien, in plaats van Indiaas, of waar je ook vandaan komt. En voor ons als artiest is het de taak om met integriteit, eerlijkheid, passie en openheid te dansen”.